Welke zool heb ik nodig en hoe bestel ik?

Om zelf de zool te vinden die de “perfect fit” is voor jou, bepaal je eenvoudig je voettype en beenas.

 

Voettype

  • Doe schoenen en kousen uit.
  • Plaats een kom met een bodempje water op de grond en ernaast een vel papier, bij voorkeur gekleurd (anders krantenpapier).
  • Zet je voet kort in het water, laat een beetje afdruppelen, en stap er vervolgens mee over het blad.

 

Vergelijk je voetafdruk met de tekeningen hieronder en beslis zo welk je voettype is:

 

A. Holvoet: enkel hiel en voorvoet zijn in de afdruk zichtbaar.

B. Normaal voetgewelf: je voetzool is gelijkmatig afgedrukt, met een smaller middenstuk.

C. Doorgezakt voetgewelf: de middenste voetboog is afgevlakt waardoor het middenstuk breder is.

D. Platvoet: je volledige voetzool is zichtbaar in de afdruk.

  • Herhaal de test met je andere voet.

 

A                      B                     C                     D

 

Beenas

Ga rechtop staan op blote voeten: strek je benen, breng je knieën en/of enkels bij mekaar, en bepaal zo je beenas:

  1. O-benen: je enkels komen tegen mekaar en er passen minstens 2 vingers tussen je knieën (links)
  2. Neutrale beenas: zowel je knieën als je enkels komen tegen mekaar (midden)
  3. X-benen: je knieën zijn tegen mekaar geplaatst en tussen je enkels passen minstens 2 vingers (rechts)

 

 

 

De testuitslag en het gevolg voor je keuze van zolen

  • Je noteerde A1, A2, B1 of B2: Je neigt van supinatie naar neutraal. Je hebt de blauwe zool nodig = “high
  • Je noteerde A3, B3, C1, C2 of D1: Je voet gaat van neutraal naar overpronatie. Je hebt de oranje zool nodig = “med
  • Je noteerde C3, D2 of D3: Je zit met een overpronatie. Je hebt de rode zool nodig = “low

 

Prijs: Currex RunPro en Currex ActivePro: € 39       Currex BikePro: € 46

Bestel je Currex-zolen hier.