Schoenplaatjes en jij: dat moet klikken!

Gepost op: 02/08/2016

In de Bewegingsanalyse Fietsen bij RUNNING AND MORE wordt in eerste instantie uitgegaan van de individuele mobiliteit van de renner. Deze mobiliteit wordt grondig onderzocht en geëvalueerd in het osteopathisch mobiliteitsonderzoek, dat de basis en het startpunt vormt van je afspraak. Het behelst een totaalonderzoek van ‘kop tot teen’, want elke dysfunctie (= bewegingsbeperking), gelijk waar in het lichaam, kan aan de basis liggen van klachten bij het fietsen.

In deel twee van de Bewegingsanalyse Fietsen wordt een Footscan-analyse gedaan, die ons info geeft over de voorkeurspositie van de voetas. Dit is de essentiële basis voor de (rotatie)positie van de schoenplaatjes.

Aansluitend wordt, in dit tweede gedeelte, een dynamische analyse uitgevoerd met video-opnames tijdens het fietsen op de eigen fiets. De camera maakt opnames van de 4 zijden. Deze beelden worden gebruikt om gedetailleerde opmetingen te doen van alle gewrichtshoeken die relevant zijn voor de efficiëntie van het fietsen en voor de individuele klachten.

De resultaten van het osteopathisch mobiliteitsonderzoek, van de Footscan-analyse en van de video-opnames worden samengebracht, met mekaar vergeleken en in relatie gezet tot je klachten. Al deze informatie is noodzakelijk om een duidelijk inzicht te krijgen in het ‘waarom een renner functioneert op de fiets zoals hij/zij dat doet’. Hierop volgend kan gestart worden met de bikefitting of fietsaanpassingen.

Een vast, onontbeerlijk en vaak onderschat onderdeel van deze aanpassingen is de positionering van de schoenplaatjes.

  • Wanneer doen we dit? Elke Bikefitting bij ons start hiermee.
  • Waarom doen we dit? Voor een optimale krachtoverbrenging.
  • Hoe doen we dit? Na grondige palpatie en met gebruik van de Brannock Device.
  • Wat doen we exact? We doen twee soorten aanpassingen, nl. in voor–achterwaartse richting en in rotatiezin. Beide aanpassingen kunnen ook nog eens verschillend zijn voor linker- en rechtervoet.

De positie voor-achter is afhankelijk van de ‘functionele voetlengte’.

Device 1

De functionele voetlengte is de afstand tussen je hielbasis en het drukpunt ter hoogte van de voorvoet. Als dit drukpunt exact boven het schoenplaatje komt, wordt je pedaalslag optimaal en soepeler.

Device 2

 

Die opgemeten afstand op je voet zetten we om op je schoen. Die wordt daarop vertaald als de afstand tussen de hielbasis en het midden van je schoenplaatje. Deze aanpassing kent geen compromissen, want ze is het gevolg van een louter mathematisch en objectief meetbaar gegeven. Daarom is het dus noodzakelijk de Bikefitting altijd te starten met de juiste voor-achterwaartse positionering van de schoenplaatjes.

 

Onderkant schoen

 

De mate van rotatie van de schoenplaatjes (neutraal, binnenwaarts of buitenwaarts) is afhankelijk van de voorkeursrichting van de voetas. Deze wordt beïnvloed door je enkel-, knie-, heup- (vooral) en bekkenmobiliteit. Het manueel onderzoek (of osteopathisch mobiliteitsonderzoek van deel één) en de resultaten uit de Footscans bezorgen ons de juiste informatie over jouw voorkeursrichting.

Footscan

 

Na aanpassing van de schoenplaatjes (links en/of rechts, voor-achter en/of rotatie) worden nieuwe video-opnames gemaakt om de effecten van de nieuwe, aangepaste positie ervan te evalueren.

In onze ervaring gebeurt het zeer regelmatig dat het verplaatsen van een schoenplaatje met bvb. 2mm naar voren en het roteren ervan met 3° meer naar buiten al volstaat om de renner volledig van een knieklacht af te helpen.

Daarna pas worden de andere aanpassingen doorgevoerd:

  • uitgaande van de bevindingen uit het osteopathisch onderzoek, de video-analyse en de lichaamsopmetingen
  • in functie van het klachtenpatroon (rugpijn, ontsteking knie, vermoeide nekspieren, slapende tenen/vingers, zadelpijn, druk in de onderbuik, …)

Het betreft:

  • zadelhoogte (1)
  • zadelpositie (2)
  • zitlengte (3)
  • stuurpenhoogte (4)

Fietsafstellingen

Vaak volstaan zeer minimale aanpassingen, die een grote invloed kunnen hebben. In tegenstelling tot de loopanalyse, waarbij je een zekere bewegingsvrijheid hebt, houden we bij de bewegingsanalyse fietsen altijd rekening met de drie vaste ‘anker’punten: de pedalen, het zadel en het stuur.

Wanneer één van deze niet ideaal is afgesteld, worden alle tussenliggende gewrichten, spieren en weefsels negatief beïnvloed of belast. Bovendien zijn deze structuren fysiek beperkt in hun spontane aanpassing of compensatie door de verankering met de twee andere vaste punten, hetgeen voldoende is om klachten te ontwikkelen.

Hoe een Bewegingsanalyse Fietsen in zijn totaliteit verloopt en hoe je hiervoor contact kan nemen, lees je op www.runningandmore.be/bewegingsanalyse-fietsen/